Geschiedenis van het Vlaams-nationalisme deel VIII: de DeVlag, een Vlaams SS-instrument

Posted on 10 september 2014

In het vorige deel van deze reeks kon u lezen over het Vlaams Nationaal Verbond (VNV), dat tijdens de Tweede Wereldoorlog zowat de grootste collaboratiepartij was van Vlaanderen. In deze editie zullen we het hebben over diens grote concurrent: de Deutsch-Vlämische Arbeitsgemeinschaft, kortweg de DeVlag. Gedurende de oorlog zouden het VNV en de DeVlag met elkaar concurreren om de politieke macht in Vlaanderen, waarbij het VNV gesteund werd door het Militair Bestuur onder leiding van generaal Eggert Reeder (hoofd Duitse militaire bestuur in België), terwijl de DeVlag zich gesteund wist door de SS van Himmler. Dit in overeenstemming met de machtsstrijd tussen de legertop (de Wehrmacht) en de SS in Duitsland.

 

Van een onbeduidend studentengezelschap…

De DeVlag ontstond tussen 1935 en ‘36 als een cultureel gezelschap van Vlaamse en Duitse studenten en professoren van de universiteiten van Leuven en Keulen. Het plan om de DeVlag te stichten was gegroeid na twee uitwisselingsreizen. In 1935 waren Leuvense professoren en studenten te gast in Keulen, Trier en Eifel. Het jaar erna speelden de Vlamingen gastheer. Het doel van de DeVlag was de culturele relaties tussen Vlaanderen en Duitsland te versterken. De belangrijkste initiatiefnemer aan Vlaamse zijde was Jef Van de Wiele, burgemeesterszoon en leraar Germaanse talen.

Jef Van de Wiele

Jef Van de Wiele

Van de Wiele (bijgenaamd Jef Cognac vanwege zijn drankgebruik) doctoreerde in die tijd aan de Leuvense universiteit in de Germaanse filologie. Hij was tevens preases van Germania, de faculteitskring van Germanisten. (1) In 1936 doopte Van de Wiele het gelijknamige studentenblad Germania om tot het tijdschrift DeVlag.(2) Het eerste nummer van het tijdschrift verscheen in november 1936, waardoor deze datum vaak als “oprichting” wordt gezien. In de vooroorlogse jaren was er echter nog geen sprake van een echte organisatie met vaste leden, enkel van abonnees. Het blad verscheen gedurende twee jaar op onregelmatige basis en het aantal abonnees werd geschat op maximaal 400, in Vlaanderen en Duitsland samen. In het tijdschrift verschenen artikels die openlijk sympathiseerden met de nazi-ideeën, waaronder bijvoorbeeld slogans tegen Joden en een artikel over rassenleer geschreven door K.L. Pesch, leider van het museum voor volkshygiëne in Keulen. (3) Eind 1938 verdween het tijdschrift in het niet.

Aan Duitse zijde was het studentenleven midden de jaren ’30 genazifieerd. Jef Van de Wiele (die overigens romans schreef onder het pseudoniem Ward Auweleer) verklaarde later dat wat de Duitse zijde betreft “ten minste voor 80% alle initiatief bij mijn persoonlijke vriend Rudolf Wilkening ligt, die eigenlijk met mij de geestelijke vader is van de DeVlag.” (4) Wilkening, die later voor de Propaganda Abteilung Belgien zou gaan werken, was het hoofd van de Aussenstelle West, een studentenorganisatie voor “buitenlandse betrekkingen” die onder de overkoepelende, nationaalsocialistische Reichsstudentenführung viel. Ook het adres van de DeVlag in Keulen was hetzelfde als dat van de Aussenstelle West. (5) Men kan zich dan ook de vraag stellen in hoeverre de oprichting van DeVlag door de nazi’s gesuperviseerd werd? (6) Historicus Frank Seberechts merkt in zijn boek over de DeVlag bijna terloops op dat Wilkening en enkele andere Duitse leden van DeVlag (waaronder Pesch) eveneens deel uitmaakten van een groepje intellectuelen die de bestuurlijke organisatie van België tijdens de komende bezetting moesten voorbereiden. Een markant detail waarvan Van de Wiele en de andere Vlamingen niet op de hoogte zouden zijn geweest. (7)

De vooroorlogse activiteiten van de DeVlag beperkten zich hoofdzakelijk tot het schrijven van academische teksten, uitwisselingen van professoren en studenten en het organiseren van een jaarlijkse gezamenlijke Cultuurdag, die afwisselend in Vlaanderen en in Duitsland georganiseerd werd. Het aantal deelnemers hieraan was vrij beperkt met alles samen maximaal 80 Duitse en Vlaamse studenten en professoren. (8) Tijdens dergelijke cultuurdagen had men naar verluidt “Arbeitslager” (werkkampen) bezocht en tentoonstellingen over “de verwezenlijkingen van het nationaal-socialisme”. (9) De ideeën van de DeVlag waren voor de studenten echter slechts bijkomstig. Ze hadden zich volgens betrokkenen vooral aangesloten “met de bedoeling gemakkelijk en goedkoop te kunnen reizen“. (10)

Toen Duitsland in september 1939 Polen binnenviel besloot Van de Wiele de activiteiten van DeVlag stop te zetten. Hoewel de Duitse zijde aandrong om door te gaan, zag hij zich als redactiesecretaris van het weekblad Nieuw Vlaanderen genoodzaakt zich achter de volstrekte neutraliteit van België te scharen (11). De draad zou echter al snel weer opgenomen worden …

 

… tot een mantelorganisatie van de SS

Na de bezetting van België in mei 1940 zocht Van de Wiele zijn oude Duitse vrienden terug op. Rolf Wilkening, die ondertussen de chef was geworden van de cultuurafdeling van de Propaganda Abteilung Belgien, wou de DeVlag zo snel mogelijk nieuw leven inblazen. Hoewel het Militaire Bestuur onder leiding van Reeder daar geen toelating toe had gegeven, zorgde Wilkening ervoor dat Jef van de Wiele het tijdschrift met financiële steun van de Propaganda Abteilung al vanaf augustus 1940 opnieuw kon uitbrengen. Deze manoeuvre werd gezien als een poging tot hineinregieren, het beïnvloeden van de politieke situatie in België ten voordele van de SS.

Van de Wiele ontpopte zich prompt tot propagandist voor het nationaalsocialisme in Vlaanderen. Daarbij pleitte hij voor een “Anschluss” van Vlaanderen bij het grote Germaanse Rijk. Hiermee zou de DeVlag in aanvaring komen met de eveneens collaborerende Vlaams-nationalisten van het VNV, die gehoopt hadden via de Duitse bezetting tot een verenigd Dietsland te komen en die niet veel voelden voor een opname in een Groot-Duitsland. In haar ‘Stellingen der DeVlag eiste de DeVlag

  1. onvoorwaardelijke trouw aan het nationaalsocialisme
  2. onvoorwaardelijke trouw aan het Rijk
  3. onvoorwaardelijke trouw aan de Führer
Logo DeVlag

Logo DeVlag

De hernieuwde DeVlag had nu grotere ambities dan het uitbrengen van een kleinschalig cultureel tijdschriftje, het wou dé nationaalsocialistische partij van Vlaanderen worden, de Vlaamse NSDAP. Dit zorgde eveneens voor spanningen met het VNV die als grootste collaboratiepartij de meeste oorlogsburgemeesters leverde.

In mei 1941 vonden er geheime onderhandelingen plaats in Berlijn tussen Wilkening en enkele topfunctionarissen van de SS om de DeVlag op te nemen in de structuren van de SS. De DeVlag werd op nationaalsocialistische wijze geherstructureerd met Van de Wiele als “landsleider” van een sterk hiërarchische organisatie met een cellenstructuur (12). De eerste cellen werden opgericht in Brussel, Antwerpen en Gent. De celleiders konden op uitnodiging van de grote “landsleider” samengeroepen worden. Zes verschillende diensten (bijeenkomsten, pers en documentatie, ‘aktieve propaganda, boekhouding, redactiesecretariaat en technische dienst), en een “College van Referenten”, dat de “landsleider” adviseerde, vervolledigden de structuur rond de persoon van Van de Wiele.

Vanaf november 1941 nam SS-Obergruppenführer, Gottlob Berger, de hoogste SS-leider na Himmler, het algemeen voorzitterschap van de DeVlag op zich, wat de band met de SS voortaan officieel maakte. Van de Wiele werd zo rechtsreeks ondergeschikt aan Berger. De DeVlag werd een mantelorganisatie van de SS met een totale organisatorische en financiële afhankelijkheid en ze werd bovendien gehuisvest in de lokalen van de Ergänzungsstelle der Waffen-SS. (13)

De DeVlag kon voor haar steeds omvangrijkere werking rekenen op miljoenen franken aan Duitse steun, van onder andere de Propaganda Abteilung en het Reichsministerium für Volksaufklärung und Propaganda (Promi). De grootste geldstroom kwam echter van de Germanische Leitstelle van de SS. Tussen 1942 en ’45 stortte deze minstens 80.5 miljoen frank door aan de DeVlag. (14) Geld waarmee de DeVlagger’s zichzelf mooie lonen konden uitschrijven.

 

VerSStrengeling

De beslissing om de DeVlag uit te bouwen tot een SS-organisatie hing samen met de mislukking van de onderhandelingen met het VNV, dat door haar halsstarrige “Dietse” gedachten niet het ideale instrument vormde voor de SS. (15) De Algemeene SS Vlaanderen, die eind november 1940 opgericht was onder leiding van Ward Hermans en René Lagrou en die later omgedoopt zou worden tot Germaanse SS Vlaanderen (GSSV), bleek dan weer niet zo populair bij de bevolking. Daardoor koos de SS-top voor de DeVlag als de ideale kandidaat om haar Groot-Germaanse politiek in Vlaanderen uit te voeren. Naast grootscheepse propaganda-acties en diverse publicaties (DeVlag, Balming, De Gazet, …) probeerde de DeVlag een doorbraak bij het Vlaamse publiek te forceren door allerlei materiële voordelen, zoals hulp aan vluchtelingen, vakantieverblijven in Duitsland voor tienduizenden Vlaamse kinderen en hulp aan Vlaamse arbeiders in Duitsland. (16)

De Germaanse SS-Vlaanderen marcheert in Gent in 1942

De Germaanse SS-Vlaanderen marcheert in Gent in 1942

De DeVlag ronselde actief voor de Waffen SS en werkte vanaf 1942 steeds nauwer samen met de Algemeene SS Vlaanderen/GSSV. Van de Wiele vond het “een eenvoudige plicht dat alle mannelijke kaderleden der DeVlag die daartoe geestelijk geschikt zijn, zouden toetreden tot de Germaansche SS”. (17) De DeVlag had in eerste instantie geen eigen militie, zoals het VNV, maar ze kon wel gebruik maken van de ordediensten van de GSSV, die de facto zowat de militie werd van de DeVlag. De verstrengeling tussen beiden wordt geïllustreerd door een gewestleider van de DeVlag die in 1944 schreef dat “celleiders klagen dat ze niet meer op hun kaderleden konden rekenen, daar deze zeer dikwijls in beslag werden genomen door de SS”. (18)

In 1943 werd een deel van de taken van de “Algemene Leiding” rond Van de Wiele gedelegeerd naar de “Landsorganisatieleiding” o.l.v. Frans Van der Auwera en naar de “Stafleiding” o.l.v.   Robert Verbelen, leider van de GSSV in Brabant, die de taak kreeg de DeVlag “organisatorisch mee om te vormen”, nogmaals een zet om de DeVlag en de GSSV nauwer samen te brengen. (19)

 

Hitlerjeugd en Veiligheidskorps

De bezige Van de Wiele bekleedde onder meer nog de post van secretaris van de Vlaamse Cultuurraad (onder voorzitterschap van Cyriel Verschaeve) en hij was actief in de leiding van het Nationaal Cultuurverbond. (20) Twee van de meest in het oog springende initiatieven van Van de Wiele en de zijn broodheren waren tenslotte nog het Veiligheidskorps en de Hitlerjugend-Vlaanderen. De Hitlerjeugd Vlaanderen werd opgericht in 1943 en was vooral bedoeld om de concurrentie aan te gaan met de jeugdorganisatie van het VNV, de Nationaal-Socialistische Jeugd in Vlaanderen (NSJV).

Robert Verbelen leidt het Veiligheidskorps

Robert Verbelen leidt het Veiligheidskorps

Het Veiligheidskorps werd in de lente van 1944 opgericht voor het beschermen van de families van DeVlag-topmannen in de strijd tegen het Verzet. Deze militie stond onder leiding van Robert Verbelen (GSSV). Het Veiligheidskorps maakte zich schuldig aan verschillende moordaanslagen en contraterreur, waaronder het drama van Meensel-Kiezegem (21) waarbij tientallen burgers omkwamen. Volgens Verbelen werd het korps opgericht door de leiding van de DeVlag, op aansporen van August Borms en Cyriel Verschaeve. SS-leider Richard Jungclaus noemde echter zichzelf als stichter. “Door de stichting van het Veiligheidskorps is het mij tegelijk gelukt de DeVlag nog nauwer met de Germaanse SS Vlaanderen te verbinden,” zo berichtte Jungclaus triomfantelijk. (22)

 

DeVlag wint aan terrein

DeVlag melde een spectaculaire groei in haar ledental. In januari 1941 telde de organisatie naar schatting 1.700 leden. In de herfst van 1941 zou het ledental al gegroeid zijn tot 19.000. De DeVlag zou in 1941 dus elke maand gemiddeld maar liefst 1.300 nieuwe leden geworven hebben! (23) In 1942 omschreef Van de Wiele zijn organisatie als een “bloedrijk organisme dat in honderden cellen tot in de kleinste gemeenten van Vlaanderen, tot in de verste steden van Duitsland den gemeenschappelijke bloedslag voert”. (24)

Het groot aantal leden dient echter met een korreltje zout genomen te worden. Zo werden de arbeiders van Fort II in Wommelgem automatisch lid van de DeVlag: het lidgeld werd eenvoudigweg van hun loon afgehouden. (25) Ook de samenwerking met de Vlaamse SS heeft ongetwijfeld voor een aanwas van leden gezorgd.

Armband DeVlag

Armband DeVlag

De hoofdmoot van nieuwe leden werd echter door het VNV geleverd! Toenmalig VNV-leider Staf De Clercq spoorde zijn leden immers aan om lid van de DeVlag te worden. (26) De reden hiervoor is dat het VNV ten opzichte van de DeVlag aanvankelijk een strategie voerde van “noyautering” (infiltratie), met de bedoeling de organisatie via infiltratie onder controle te krijgen. (27) In een vertrouwelijk document van de VNV-leiding aan de Duitse overheid staat dat de DeVlag werd rechtgehouden “door de miljoenen van de Propaganda Abteilung” en “door de medewerking van het VNV, dat overal 80 tot 100% geeft van de leden en van de celleiding, met de toelating van de Leider van het VNV”. (28) De poging van het VNV om de DeVlag op die manier over te nemen mislukte echter.

 

Wrevel bij het VNV

In eerste instantie werkten de DeVlag en het VNV ogenschijnlijk goed samen. VNV’ers werden lid van de DeVlag en Volk en Staat, het blad van het VNV, vroeg Van de Wiele om bijdragen en maakte reclame voor de DeVlag. De Groot-Duitse leer én de politieke ambities van de DeVlag zorgden echter al snel voor wrevel bij het VNV.

In het voorjaar van 1942 kwamen er vanuit de VNV-basis steeds meer verontrustende signalen over de DeVlag. Een leider van de Dietse Militie/Zwarte Brigade berichtte dat een propagandist van de DeVlag op de eerste vergadering van de DeVlag-cel in Duffel, die nota bene volledig uit VNV’ers bestond (!), een lange politieke rede had gehouden tegen het VNV. De VNV’er voegde eraan toe dat de Vlaamse SS er nooit in was geslaagd het woord te voeren in Duffel en “Nu gebeurt dit langs de DeVlag om!”. (29)

Van links naar rechts: Reeder, Degrelle, Jungclaus en Van de Wiele in het Sportpaleis Brussel 27/2/1944

Van links naar rechts: Reeder, Degrelle, Jungclaus en Van de Wiele in het Sportpaleis Brussel 27/2/1944

De VNV-leiding besloot in te grijpen en richtte zich tot Reeder met klachten over de ‘unbegrenzten und hemmungslosen Totalitätsanspruch’ van de DeVlag. (30) Op 31 maart 1942 gaf Reeder Jef Van de Wiele instructies over de ‘Abgrenzung der Aufgaben der DeVlag und der übrigen flämischen Organisationen’. In plaats van een “begrenzing” zorgde de ruime taakomschrijving er echter voor dat de DeVlag een scharnierfunctie kreeg tussen alle in Vlaanderen opererende beroeps- en partijorganisaties en de NSDAP. Van de Wiele kon de“Abgrenzung” dan ook als een overwinning beschouwen op het VNV, voor wie de instructies van Reeder als een pijnlijke verrassing kwamen. Nadat VNV-leider Staf De Clercq in oktober 1942 overleed en opgevolgd werd door Hendrik Elias verslechterde de positie van het VNV nog meer. SS-leider Berger omschreef Elias aan Himmler als “onze bitterste tegenstrever”. (31)

De concurrentiestrijd tussen DeVlag en VNV zou blijven doorgaan tot ze uiteindelijk in de nacht van 29 februari 1944 definitief werd beslecht tijdens een topontmoeting tussen Himmler, Van de Wiele en Elias in het treinstel van de SS-leider, waarbij het VNV definitief werd afgescheept. In maart 1944 volgde nog een laatste morele overwinning voor Van de Wiele toen de hogepriester van de Vlaamse collaboratie, Cyriel Verschaeve, uiteindelijk zijn kant koos. De priester, die een groot moreel gezag had bij de Vlaams-nationalisten, keerde zich nu openlijk af van het VNV. (32)

 

Na de oorlog

Na de intocht van de geallieerden (augustus 1944) vluchtten Van de Wiele en de zijnen naar Duitsland, waar ze nog enige tijd een rol kregen in de Vlaamse Landsleiding, een soort Vlaamse nationaalsocialistische regering in ballingschap. Van de Wiele werd tot “regeringsleider” gekroond, René Lagrou (van de Vlaamse SS) werd “minister van binnenlandse zaken”, Robert Verbelen werd “hoofd van de politie” en Cyriele Verschaeve “geestelijk adviseur”. (33) Het VNV speelde toen al geen rol meer voor nazi-Duitsland. Het fiasco van het Ardennenoffensief (januari 1945) sloeg de droom van de Vlaamse nazi’s echter aan diggelen. Van de Wiele werd bij verstek ter dood veroordeeld. Na zijn uitlevering aan België werd die straf omgezet tot levenslang. In 1963 kwam hij vrij. Van de Wiele zou vervolgens nog geruime tijd in Nederland wonen, waar hij enige bekendheid verwierf vanwege zijn contacten met de weduwe Rost van Tonningen. Robert Verbelen zou zijn straf ontlopen, hij ging werken voor de Amerikaanse inlichtingendienst en voor de Oostenrijkse politie. Als dank verkreeg hij de Oostenrijkse nationaliteit en kon hij verder, ondanks een aanklacht voor 101 moorden, grotendeels ongemoeid in Oostenrijk blijven wonen. (34)

Correspondente uit België

Gepubliceerd in Alert!  2-2013

 

Noten:

  1. MEIRE, Frieda. De DEVLAG voor mei 1940. In: Belgisch Tijdschrift voor de Nieuwste Geschiedenis, deel VII, 2-3, 1982, p. 455
  2. Encyclopedie van de Vlaamse Beweging. Deel 2. Lannoo, Tielt/Amsterdam, 1975, p.1827
  3. PESCH, “Rasse und Rassenseele”. In: DE.VL.AG., jg. I, nr. 3 & 4
  4. MEIRE, o.c., p.426
  5. MEIRE, o.c., p.439
  6. MEIRE, o.c., p.440
  7. SEBERECHTS, Frank. Geschiedenis van de DeVlag. Van cultuurbeweging tot politieke partij 1935-1945. Perspectief Uitgaven, Gent, 1991, p.15
  8. MEIRE, o.c., p.434
  9. MEIRE, o.c., p.454
  10. MEIRE, o.c., p.446
  11. MEIRE, o.c., p.459
  12. Encyclopedie van de Vlaamse Beweging, o.c., p.1827
  13. DE WEVER, Bruno. Greep naar de macht. Vlaams-nationalisme en Nieuwe Orde. Het VNV 1933-1945. Uitgeverij Lannoo, Tielt, 1994, p.451
  14. SEBERECHTS,o.c., p.29
  15. DE WEVER, o.c., p.450
  16. Encyclopedie van de Vlaamse Beweging, o.c., p.1828
  17. SEBERECHTS,o.c., p.75
  18. SEBERECHTS,o.c., p.75
  19. SEBERECHTS,o.c., p.37
  20. DE WINNE, Toni. De pers van de DeVlag tijdens de bezetting. Case: De Gazet. Licentiaatthesis, Universiteit Gent, academiejaar 1998-99.
  21. Op 11 augustus 1944 hielden een 300-tal Duitse en Vlaamse SS’ers, waaronder het Veiligheidskorps van Verbelen, een grootscheepse razzia op het dorp waarbij alle mannelijke bewoners gevangengenomen, gemarteld en afgevoerd werden naar kampen in Duitsland. In totaal kwamen 67 mensen om. De hele operatie was een wraakactie voor de moord op de collaborateur Gaston Merckx door drie verzetslui.” (http://www.meensel-kiezegem44.be/drama)
  22. SEBERECHTS,o.c., p.77
  23. DE WINNE, o.c.
  24. Encyclopedie van de Vlaamse Beweging, o.c., p.1828
  25. SEBERECHTS,o.c., p.38
  26. DE WINNE, o.c.
  27. DE WEVER, o.c., p.449
  28. DE WEVER, o.c., p.452
  29. DE WEVER, o.c., p.452
  30. DE WEVER, o.c., p.453
  31. SEBERECHTS,o.c., p.39
  32. SEBERECHTS,o.c., p.74
  33. Encyclopedie van de Vlaamse Beweging, o.c., p.1828
  34. http://nl.wikipedia.org/wiki/Robert_Verbelen

Comments are closed.